Produced by Jeroen Hellingman with help of the distributed
proofreaders team.
Het Krygsvolk keert naar de Wana-Kreek te rug.—De Pipa.—Gevechttusschen een soldaat en een slang.—De Fesant-vogel van Guiana.—DeAgamie of Trompetter.—De Muitelingen trekken de legerplaats voorby;men vervolgt hen te vergeefs.—Groot gebrek aan water.—Schranderheidder Negers.—De Zyde-plant.—Kevers en Insecten.—Bergwerken.—FraaijeKapel.—Het krygsvolk koomt op den post van la Rochelle aan dePatamaca.
Beschryving van Paramaribo, en van het Fort Zelandia.—De Grow Mouneckof graauwe Munnik.—De West-Indische Abricoos-boom.—Verschillendezoorten van Oranjeboomen.—De Colonel FOURGEOUD trekt naar de RivierMaroni.—Een Capitain word gewond, en eenige soldaaten gedood.—Vreemdestraf-öeffening in de hoofdstad.—Het Fort Sommelsdyk.—De wachtpostvan de Hoop.—Duiven en Tortelduiven.—Groenten en vruchten.—Jachten wildt.—Steenbakkery.—Insecten.
Beschryving van eene Suiker-Plantagie.—Huisselyk geluk inzekere hut.—Krygs-verrigtingen van den Generaal FOURGEOUD.—DeDuncane, Igname en Soubacou.—Wreedheden van zommige Opzigters derPlantagiën.—Onderscheidene zoorten van visschen.—Misnoegen vaneenen Capitain der muitelingen.
De Colonel FOURGEOUD keert naar Paramaribo te rug.—Het gevleugelden gewapend Water-hoen van EDWARDS.—Bewys van onkunde ineen Heelmeester;—van deugd in een slaaf;—van wreedheidin eenen Bevelhebber.—De roode Wulp.—De Wesp, Marobonsogenaamd.—Orange-appelen en Limoenen.—De insecten, Chiquesgenaamd.—Het krygsvolk begeeft zig weder naar de bosschen.—DeKibry-Fowlo.—Verscheidene zoorten van wilde varkens.—Mieren.—Dedans van Loango.—De Toreman.—De Poelsnip van Guiana.—Plantains enBananes.—Manier om te visschen.—Visschen.—Vogelen.
Indianen, inboorlingen vanGuiana.—Voedzel,—Wapenen,—Cieradiën,—Optooisels,—Bezigheden,—Vermaken,—Driften,—Godsdienst,—Huwelyken,—Begravenissen,enz. van deeze Volken.—De Caraïbische Indianen in 't byzonder,en hunne koophandel met de Europeanen.—Boomen, Heesters en Planten.
Versterking van krygsvolk, uit Holland aangekomen.—De Goijava-boom,en deszelfs vrucht.—Legerplaats by Maagdenberg aan de TempatyKreek.—Verschillende zoorten van Aapen.—Een zeer maanziekeNeger.—Eekhoorntje van Guiana.—Verscheidene zoorten vanboomen.—Hagedissen.—Bergen van mynstoffen voorzien.—Treffelykegezichten.—De Roucouboom.—Fraaije Kapel.—Palmloom—worm.
Nieuwe wreedheden, nog onmenschelyker, dan alle devoorige,—Verschillende zoorten van planten.—Papegaaijen enParkieten.—Surinaamsche Patrys.—Buitengewoone Insecten.—Geiten vanGuiana.—De Taïbo.—Verscheidene zoorten van visschen.—Groote sterfteonder het krygsvolk, het welk zig op de posten aan de Tempaty-Kreek,en de Commewyne bevond.
Een Tyger, op de legerplaats gevangen.—De Jaguar.—De Couguar.—DeTyger-kat.—De Jaquarette.—Gevecht tusschen eenige afgezondenemanschappen der Sociëteit en de muitelingen.—Levens-manier van eenenSurinaamsche