

Lamarck
Het ligt in den aard der bijzondere takken van wetenschap, dat het feitenmateriaal en de methoden van onderzoek van geslachtop geslacht worden overgenomen, maar dat de philosophische achtergrond, waarop de onderzoekers van toenmaals stonden, nietgekend, of tenminste vergeten wordt. Hierdoor wordt dikwijls onrecht aangedaan aan hun nagedachtenis, aan de waardeering vanhun arbeid. Dit geldt zeker voor een aantal land- en tijdgenooten van Lamarck, de z.g. materialistische philosophen uit den Revolutie-tijd, en zeker niet het minst voor Lamarck.
Het heeft zijn eigenaardige moeilijkheden, om een man als Lamarck naar waarde te schatten, meer dan een eeuw, nadat zijn belangrijkste werken: “Philosophie Zoologique” in 1809 en “Histoire naturelle des Animaux sans vertèbres” in 1815–1822 verschenen. In den veelbewogen tijd van zijn eigen leven werd zijn beteekenis voor de ontwikkeling der biologischewetenschap zoo goed als geheel miskend. Zijn “Philosophie Zoologique” werd doodgezwegen of hoogstens met spot begroet, en zelfs zijn geestverwanten en vrienden, zooals Latreille en Geoffroy St. Hilaire